Twee keer 6 jaar cel en één keer 8 jaar. Dat eiste de officier van justitie bij het Landelijk Parket donderdag voor de rechtbank Rotterdam tegen drie mannen die in 2015 vermoedelijk gezamenlijk naar Syrië reisden en in 2017 en 2018 weer terug kwamen.

De drie mannen, 29, 31 en 32 jaar oud, worden verdacht van deelname aan een terroristische organisatie. Ze hebben zich volgens het OM aangesloten bij een bij Al Q’Aida behorende groepering. ,,De gewelddadige jihadisten in het strijdgebied hebben de idealen van vrijheid en gelijkheid die door veel Syrische burgers werden gekoesterd na de start van de Arabische lente, gekaapt”, zo zei de officier in zijn requisitoir.

Tegen de 32-jarige verdachte was de eis hoger omdat deze op het paspoort van iemand anders, zijn eveneens in Syrië actieve broer, terugreisde. Daarbij had hij een aantal maatregelen genomen om zijn terugkeer onopgemerkt te laten zijn. Zo had hij contant twee vliegtickets betaald en zijn bagage op de andere vlucht mee laten gaan. Volgens de officier onvoldoende om aan te nemen dat het wederrechtelijke gebruik van het paspoort bedoeld was om een terroristisch misdrijf voor te bereiden, bijvoorbeeld een aanslag. Maar het is wel zeer zorgelijk, en bovendien bedoeld om deelname aan de terroristische organisatie te verbergen.

De verdachten hebben weinig verklaringen af willen leggen, of ontkenden. Over de reden van terugkeer naar Nederland hebben ze niets gezegd.

Foto: OM

Deel dit artikel